Sla navigatie over
Kookclub Venray

Technieken

Grillen en roosteren

Droge, hoge hitte geeft kleur, rook en zoete diepte aan groente en vlees.

Grillen (op een grillpan of barbecue) en roosteren (in een hete oven) werken met droge, felle hitte. Dat geeft een gekarameliseerde korst en volle smaak. Het verschil met bakken: minder vet, hogere temperatuur en meer kleur.

Grillen

  • Zorg dat de grill echt heet is voordat je begint, anders plakt alles.
  • Bestrijk het eten met olie, niet de grill.
  • Leg het neer en laat liggen tot de strepen zich vormen, dan pas draaien.
  • Dep vlees droog en zout vlak voor het grillen.

Roosteren in de oven

  • Gebruik hoge hitte (200 tot 220 °C) en een ruime bakplaat, zodat groente bruint in plaats van stoomt.
  • Snijd stukken gelijk, hussel met olie en zout.
  • Rooster noten en zaden kort en droog tot ze geuren, blijf erbij want ze verbranden snel.
  • Keer halverwege voor gelijkmatige kleur.